Schrijver Morgen

Toneelgroep Expressie creëerde Morgen zelf op basis van improvisatie. Er kwam dus geen schrijver aan te pas. Hieronder kun je lezen hoe dat proces verliep.
Ook kun je een repetitieverslag van Martijn lezen. Deze vind je door hier te klikken.

Een indruk van het repetitieproces

Door: Saskia van Dongen


De eerste repetitiemaanden (vanaf september 2005) stonden volledig in het teken van 'leren improviseren'. Eén van de uitgangspunten daarbij was de acteermethode van Helmert Woudenberg, op basis van de elementen vuur, water, lucht en aarde. Sindsdien klinken de regieaanwijzingen van John wat cryptischer dan voorheen: "probeer de ander open te maken", "maak je vuur heel gericht" of "werk toe naar een salto".


Tijdens het toneelweekeinde in januari (repeteren in een oefenruimte in Amsterdam) maakte John een rolverdeling bekend, zonder dat er sprake was van een verhaal. Er werd slechts afgesproken welke onderlinge verhoudingen er waren (familiebanden, vriendschappen en liefdesrelaties). Alle spelers werden hierin betrokken. Nu moesten we ontdekken hoe deze basisconstructie zich zou bewegen.
Tijdens een simpele oefening van 3 seconden kregen de spelers opdracht om een naam te noemen. Dit werden de namen van de personages. De rest van het toneelweekeinde bood de regisseur een serie oefeningen aan, waarmee ieder zijn eigen personage kon uitdiepen en vormgeven.


Een wonderlijke ontdekking was dat het verhaal zich nu als vanzelf begon te vormen. Het werd al snel logisch hoe de personages op elkaar reageerden en waar conflicten kwamen te liggen. Er ontstonden volop ideeën over wat er zou kunnen gebeuren. Natuurlijk vereiste dit proces ook de nodige sturing, met name om het gekozen thema als uitgangspunt te behouden. Maar de inbreng van de spelers was groot.

Samen bedachten John en ik de uiteindelijke constructie van scènes. Van het oorspronkelijke idee dat ik uiteindelijk een tekst zou produceren zijn we afgestapt. Wel schreef ik, met behulp van scènebeschrijvingen door diverse spelers, een script dat als uitgangspunt diende. Niettemin werd er tijdens de uitvoeringen dus nog steeds geïmproviseerd. Dit kon alleen doordat alle spelers hun rollen, de situaties en de onderlinge verhoudingen door en door kenden.


Het idee ontstond om de voorstelling te voorzien van live muzikale begeleiding. Mijn muzikale broer, gitarist/zanger Paul Boske wilde wel meedoen. Hij repeteerde drie keer mee en bleek goed te kunnen aanvoelen welke muziek bij een scène paste. Er werden enkele nummers afgesproken, zoals "That I would be good" van Alanis Morrisette, en verder zou hij muzikaal improviseren tijdens het stuk.


Nog een aantal doorlopen van het stuk gehad om te weten waar je op- en afmoest, wat je mee moest nemen, e.d. Toen stond niets ons nog in de weg om de voorstelling op de planken te brengen...